Gratis · Geen registratie

Kwintencirkel printen.

Maak een kwintencirkel als complete referentie, invuloefening of lege sjabloon. Kies relatieve mineurtoonsoorten, aantallen voortekens, gekleurde segmenten en een passende diameter.

Aanpassen

01 De pagina
Oriëntatie
02 De details

Met de klok mee volgen reine kwinten. Internationale B is de natuurlijke B; Fis en Ges delen één positie.

03 Inkt kleur
Inkt kleur
Papier kleur

○ Gratis · Geen registratie

Live-voorbeeld210 × 297 mm
A4

Voorbeeld is geschaald om te passen. De PDF behoudt de exacte afmetingen.

Klaar voor je printer

Aangepaste kleur

Inkt kleur

Gebruik de pijltjes links en rechts voor verzadiging, pijltjes omhoog en omlaag voor lichtsterkte. Houd Shift ingedrukt voor grotere stappen.

Lees vanaf C met de klok mee als opeenvolgende stijgende kwinten. Naburige plaatsen tonen verwante voortekens, niet een toonladder die stap voor stap omhoogloopt. De cirkel gebruikt internationale letternamen. Internationale B is de natuurlijke toon; in Duitse notatie heet die H. Controleer deze conventie wanneer je de afdruk naast een muziekboek met andere benamingen legt.

Enkele nuttige antwoorden

Waarom staan Fis en Ges op dezelfde plek?

De cirkel heeft twaalf posities en toont hier twee gebruikelijke enharmonische schrijfwijzen. Fis-majeur gebruikt zes kruisen, Ges-majeur zes mollen. De gedeelde plaats laat de relatie zien, maar neemt het verschil in spelling en relatieve mineurtoonsoort niet weg. Beide namen blijven daarom afzonderlijk zichtbaar.

Heeft relatieve mineur dezelfde grondtoon?

Nee. Relatieve majeur en natuurlijke mineur delen hun voortekens maar beginnen op verschillende grondtonen. C-majeur is bijvoorbeeld gekoppeld aan a-mineur. Gelijknamige majeur en mineur vormen een andere relatie. Kijk dus goed welke vorm van verwantschap een oefening bedoelt voordat je de binnenste naam invult.

Kan ik een helemaal lege cirkel gebruiken?

Ja. De lege stand verwijdert namen en voortekens en geeft geen antwoordpagina. Dat is bruikbaar voor een eigen invulopdracht. Wil je juist een vooraf bepaalde oefening met controle, kies dan de oefenstand en bepaal apart of relatieve mineur en aantallen voortekens als informatie blijven meedoen.

De twaalf plaatsen lezen

Aquarel van een hand die noten op muziekpapier schrijft.

De buitenste reeks is C, G, D, A, E, B, F♯ of G♭, D♭, A♭, E♭, B♭ en F. Op de gedeelde plaats worden twee enharmonische namen getoond. Ze kunnen in gelijkzwevende stemming dezelfde toonhoogte vertegenwoordigen, maar hun spelling en voortekens verschillen. De cirkel kiest niet automatisch welke schrijfwijze in een concrete compositie het beste past. Dat hangt van de muzikale context af.

De relatieve mineurtoonsoorten zijn a, e, b, f♯, c♯, g♯, d♯ of e♭, b♭, f, c, g en d. Iedere combinatie deelt de voortekens van majeur en natuurlijk mineur, niet de grondtoon. Je kunt op notenschriftpapier beide toonladders naast elkaar uitschrijven. Zo wordt duidelijk dat dezelfde verzameling voortekens toch tot een andere uitgangstoon en muzikale oriëntatie kan leiden.

Relatieve mineur en voortekens koppelen

De aantallen beginnen bij nul voor C en lopen via één tot vijf kruisen naar zes kruisen of zes mollen op de gedeelde plaats. Daarna volgen vijf tot één mol. Dit zijn aantallen toonsoortvoortekens, geen telling van losse wijzigingen in een melodie. De aantallen kunnen worden verborgen zonder de relatieve mineurnamen te verwijderen, zodat je de gewenste informatie afzonderlijk kunt laten oefenen.

Referentie vult alle namen in. Oefening laat de majeur- en eventueel mineurnamen leeg en kan een antwoordpagina toevoegen. Leeg verwijdert zowel namen als voortekens en maakt geen extra oplossing. Voor het herkennen van afzonderlijke tonen zijn werkbladen noten lezen geschikter. De cirkel behandelt de samenhang tussen toonsoorten, terwijl een notenleesblad juist sleutel, plaats en octaaf van één toon vraagt.

Een referentie of invulblad kiezen

Diameters van 140, 160 of 180 millimeter bepalen de fysieke grootte. Een ruimere cirkel kan makkelijker gezamenlijk worden bekeken, maar moet op het gekozen papier passen. Een te grote precieze indeling wordt niet stilzwijgend verkleind. Gekleurde sectoren bieden visuele oriëntatie en leggen geen vaste emotionele betekenis van een toonsoort vast. Je kunt dezelfde relaties dus ook volledig zonder kleur bespreken.

Vergelijk twee naburige toonsoorten eerst op één veranderend voorteken. Met een pianoklaviatuur om te printen kun je de tonen daarnaast aanwijzen. De generator speelt niets af, maakt geen akkoordprogressies en analyseert geen modulatie. Gebruik concrete muzikale voorbeelden om een relatie te onderzoeken, in plaats van uit de plaats op de cirkel een automatische regel voor iedere mogelijke melodie af te leiden.

Kwintencirkel printen

Gekleurde volledige referentie

Kies Referentie, 160 millimeter diameter, relatieve mineur en aantallen voortekens. Zet kleur aan. Er verschijnt één complete pagina. Begin bij C en lees de reeks met de klok mee, waarbij je telkens zowel de naam als het veranderende aantal kruisen of mollen benoemt.

Open dit voorbeeld

Compact invulblad

Kies Oefening en 140 millimeter diameter. Laat mineur en voortekens ingeschakeld, zet kleur uit en antwoorden aan. De twee pagina’s bevatten opdracht en oplossing. Vul eerst de majeurvolgorde in, daarna de relatieve mineur en controleer ten slotte de gedeelde enharmonische positie extra zorgvuldig.

Open dit voorbeeld